BTW: Training van paarden

Voor opbrengsten uit het trainen van paarden geldt het 21%-tarief, tenzij in "buitenland-situaties”.

Wat is "training”?

Onder "training” verstaan we hier: het beleren van een paard na de fase van africhting. Zie bij "Fokkerij en opfok” en "Africhting” voor wat we onder "africhting” verstaan.

Van training is dan sprake:

-na de fase van het zadelmak maken en geschikt maken voor gebruiksdoeleinden;

-in ieder geval indien voor het paard een startpas wordt aangevraagd;

-in ieder geval vanaf het begin van het zesde levensjaar van het paard;

-het beleren van een paard op B-niveau of hoger.

Buitenlandsituaties

Er zijn verschillende situaties denkbaar, waarin wel of geen Nederlandse btw verschuldigd is; dus het is oppassen geblazen. Zie onderstaand.

Uitgaande van training door een in Nederland gevestigde trainingsstal voor een :

1. klant die ondernemer of rechtspersoon is en woont of is gevestigd in ander EU-land (met een juist btw-identificatienummer): geen Nederlandse btw, maar heffing is "verlegd” naar buitenlandse klant (op factuur vermelden "btw verlegd” en in btw-aangifte vermelden en Opgaaf ICP indienen), ook al geschiedt de training in Nederland;
of
2. klant die ondernemer of rechtspersoon is en woont of is gevestigd buiten de EU: geen Nederlandse btw, geen verlegging van btw, niet op factuur of in btw-aangifte vermelden, geen Opgaaf ICP (wellicht trainer of klant btw verschuldigd in woonland klant);
of
3. klant is niet-ondernemer/consument is en woont binnen of buiten de EU: altijd Nederlandse btw (21%) in rekening brengen

In buitenlandse situaties is het dus verre van eenvoudig. Het is vaak niet eenvoudig om vast te stellen waar iemand woont of gevestigd is; dat kan ook zelfs tegelijkertijd in meerdere landen zijn. Indien een in Nederland gevestigde trainingsstal een paard traint in opdracht van een "buitenlandse” professionele ruiter die regelmatig of voor langere tijd (ook) in Nederland verblijft, kan het best zo zijn dat deze ruiter geacht moet worden (ook) in Nederland gevestigd te zijn. Gevolg is dan, dat de Nederlandse trainingsstal toch Nederlandse btw (21%) in rekening moet brengen.

Ook is het niet altijd eenvoudig om vast te stellen of de klant als "ondernemer” of "consument” handelt.

In twijfelsituaties kan het voor de Nederlandse trainingsstal verstandig zijn om 21% btw in rekening te brengen. Dit om het risico van naheffingen te voorkomen.